Het dorp ontstond in het midden van de zeventiende eeuw in de noordoosthoek van de Nieuwe Borsselepolder, grenzend aan de Nieuwe Kraaijertpolder en de West-Kraaijertpolder.

s-Heerenhoek, oorspronkelijk Calishoeck geheten, behoorde historisch gezien tot de heerlijkheid Heinkenszand maar het kreeg in 1671 een eigen gerecht, bestaande uit een eigen schout en schepenen. In feite werd het vanaf toen een zelfstandige gemeente. De schrijfwijze van de naam ‘Calishoeck’ kwam in diverse varianten voor, maar na 1707 komt alleen de benaming ‘sHeerenhoek’  voor, zonder de huidige leestekens.

Inmiddels had zich in de nieuwe polders en in het dorp een behoorlijk groot aantal rooms-katholieke arbeiders gevestigd. Hun doop- en trouwgegevens werden genoteerd in de registers van de Landsparochie van Zuid-Beveland, die het hele eiland met uitzondering van de stad Goes omvatte.

Omstreeks 1710 waren er in ‘s-Heerenhoek maar ongeveer 40 katholieken op een totale bevolking van naar schatting 300 zielen. Dat is maar 13 % van de totale bevolking.

Vanaf 1760 kwam daar verandering in, voornamelijk doordat veel boerderijen in het dorp en omgeving in katholieZL gemeente s Heerenhoek in ca. 1870 kaart J. Kuijper [1024x768]ke handen kwamen. Zoals in die tijd vanzelfsprekend was, namen deze boeren bij voorkeur katholiek personeel in dienst. Hierdoor liep het aandeel katholieken in de totale bevolking gestaag op.

Deze ontwikkeling werd zeer versterkt na het gereedkomen van de eerste Rooms-Katholieke kerk in 1797. Vele katholieken uit de omringende plaatsen vestigden zich in ‘s-Heerenhoek.

Tijdens de Franse tijd werd het dorp een zelfstandige gemeente. Het toenmalige bestuur vergaderde in een herberg en het spreekt vanzelf dat er naast vergaderen, ook wel eens wat gedronken werd. In 1881 verbood de ‘Drankwet’ dat bestuurscolleges vergaderden in gelegenheden waar sterke drank geschonken werd. Het plaatselijke bestuur loste dit probleem op, door de gemeentekamer  af te scheiden van de gelagkamer via een aparte deur naar de straat (Voorstraat). De administratie en secretarie werden gevoerd ten huize van de gemeentesecretaris. Voor het opbergen van kwetsbare stukken en archiefonderdelen werd – op aandringen van de Commissaris des Konings- in 1887 een brandkast aangeschaft.

Op 15 oktober 1891 deelde de toenmalige burgemeester Nicolaas van Stee mee, dat er een huis te koop kwam voor f. 1200.- dat als gemeentehuis zou kunnen worden ingericht.  Het had nog heel wat voeten in de aarde voor het besluit werd aangenomen en het dorp een eigen gemeentehuis had. Op 1 juli 1892 trok men in het nieuwe (verbouwde) verblijf en het zou nog tot 1953 duren voordat men het gemeentehuis weer ging aanpassen door een verbouwing. In 1962 werd achter het gemeentehuis nog een grote raadszaal gebouwd.

Tot de gemeente ‘s-Heerenhoek behoorde eveneens het in de Nieuwe Kgemeentebord 'sHhoekraaijertpolder gelegen gehucht Rijkebuurt.

In 1970 werd door de gemeentelijke herindeling de zelfstandigheid van de gemeente opgeheven en ging het op in de nieuwe gemeente Borsele. 

Heerenhoek logoOp 15 december 1819 kreeg ‘s-Heerenhoek zijn eigen gemeentewapen, vastgesteld door de Hoge Raad van Adel en verleend door koning Willem I. Het is een echt symbolisch wapen, ontworpen naar de plaatselijke bodemgesteldheid.  Het groen stelt de dijk voor en de vier smalle zilveren schuinlopende balken  zijn de voetpaden die de dijk kruisen.

De gemeenteraad besloot in 1963 ook tot het ontwerp van een gemeentevlag. De vlag, bestaande uit drie verticale banen en in de kleuren zwart, geel en wit, viel niet in goede aarde bij de Hoge Raad van Adel. De kleuren geel en wit waren al pauselijke kleuren, terwijl de combinatie al reeds door het aartsbisdom Utrecht werd gevoerd. Voorgestelde wijzigingen van de Raad werden niet door de gemeenteraad overgenomen en uit een brief van 6 maart 1969 bleek dat er nog steeds geen officiële vaststelling had plaatsgevonden. De fusie tot de gemeente Borsele zorgde ervoor dat er nooit een vlag kwam.


 

Waar komt de naam Calishoek vandaan? Paul Harthoorn heeft het geprobeerd te verklaren. Omdat er in de begintijd verschillende mensen afkomstig uit Calais (=Cales) woonden zou deze naam zijn ontstaan. Maar Andries Vierlingh verklaart het al in zijn Tractaat van een Dijckagie uit de 16de eeuw. Dijkwerkers noemde hij calissen, is mensen van laag allooi, zwervers waren dat die van klus naar klus trokken in die tijd. Ze mochten hun strooietenten of planketenten neerzetten op de laagste, slechtste plek van de bedijking en dat was het tegenwoordige ‘s-Heerenhoek, gelegen tussen het Ovezandse, het Heinkenzandse Gat en de Appelcreke ofwel de welen van Lau Riek en Hube Vermue en een kreke die die twee verbond en samen verder westwaarts liep.


 

de geschiedenis van ‘de Jeugdhoeve’ 

De Jeugdhoeve is net voor de oorlog in 1938 gebouwd als jeugdhuis. De eerste steen werd gelegd door kapelaan Van Zijl op 26 juni 1938 en in november 1938 officieel ingewijd door de bisschop van Haarlem ( Mgr. Huibers). Pastoor L. Dolle van Goes en pastoor A. Kramer en natuurlijk kapelaan B. van Zijl van ‘s-Heerenhoek waren getuigen.

Het gebouw werd ontworpen door architect Rozenkrans in opdracht van het parochiebestuur en geheel gefinancierd door de eigen bevolking van ‘s-Heerenhoek. Lokaal aannemer Leen Peeters bouwde het en de totale kosten bedroegen toen f. 27000.-

In het nieuwe gebouw werd een kleedlokaal voor de voetbal ingericht, maar ook een gymnastieklokaal. Tal van verenigingen hebben er door de jaren heen hun vast onderkomen gevonden. Wat te denken van: mandolineclub, sjoelclub, tafeltennisvereniging en kaartclub.

O
p 15 juni 1946 werd de gidsenbeweging H. Liduina-groep opgericht met tien leden, inclusief leiding. Twee jaar later was het aantal al verdubbeld. In 1964 werd de groep gesplitst in junioren, senioren en kabouters.

In januari 1956 werd de welpengroep Sint Bavo opgericht en weer enige tijd later de verkenners.

In de Tweede Wereldoorlog werd een deel van het gebouw gevorderd door de Duitsers. In dezelfde tijd bood de Jeugdhoeve ook onderdak aan twee klassen van de jongensschool. De oorlog had zijn sporen achtergelaten, want zowel pastorie, als de school, klooster en vooral de Jeugdhoeve verkeerden in slechte staat. Het vergde veel energie van de toenmalige pastoor Kramer om deze gebouwen te herstellen.

De gymzaal werd gebruikt door de school en de scoutingsgroepen, totdat onder toezicht van pastoor Holtkamp in de jaren 1955-1958 de Jeugdhoeve werd gerestaureerd. De grote zaal werd omgebouwd tot een bioscoop met tribune. Helaas werd deze bios geen succes voor dit dorp en door het lage aantal bezoekers werd de tribune al snel weer afgebroken.

Er is een ook een tijd geweest dat men in de Jeugdhoeve boeken kon lenen uit de bibliotheek. Deze was iedere zondagmorgen tussen 11.00 uur en 12.00 uur open!

Op 23 oktober 1963 werd het 25-jarig jubileum gevierd van de Jeugdhoeve. Er werden 350 jongeren uitgenodigd voor een feestavond, maar men moest wel een geldig legitimatiebewijs kunnen tonen. Muziek, loterij en verrassingen zorgden voor een opbrengst die ten goede kwam aan het gebouw zelf en enkele jeugdverenigingen.

In het natte najaar van 1974 moesten militairen ingeschakeld worden om de boeren te helpen de oogst binnen te halen. Zij kregen onderdak in de grote zaal, die diende als slaapplaats.

In 1990 vond er een grote verbouwing plaats, die ervoor moest zorgen dat het gebouw weer voldeed aan alle veiligheidseisen. De geschatte kosten kon de eigenaar/parochie niet opbrengen, maar verkoop was geen optie. De gemeente Borsele had al in 1989 aangegeven een half miljoen gulden te willen uittrekken voor renovatie, maar verhuur aan de gemeente bood de mogelijkheid voortaan toch als gemeenschapshuis te kunnen blijven functioneren. Op 17 november opende de toenmalige burgemeester Jan-Bart Mandos de vernieuwde Jeugdhoeve.

Jeugdhoeve 11Op 1 januari 2012 kwam er een einde aan vrijwilligershulp, waarop het beheer van de Jeugdhoeve draaide en succesvol was. De exploitatie kwam in handen van Sportfondsen Borsele, maar de gebruikersraad ‘Stichting dorpshuis de Jeugdhoeve’ moest erop toezien dat de belangen van de gebruikers ( de gemeenschap ‘s-Heerenhoek) gewaarborgd bleven.